De deken als toezichthouder

De deken is toezichthouder en houdt toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Advocatenwet en de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).

 

Dekenberaad

Als toezichthouder heeft de deken verschillende toezicht- en sanctiebevoegdheden tot zijn beschikking. De deken oefent deze bevoegdheden op een zo uniform mogelijke manier uit in verhouding tot de andere dekens en zoekt daartoe afstemming in het dekenberaad. Onderzoek dat de arrondissementsgrenzen overstijgt wordt door de daarbij betrokken dekens onderling afgestemd. Dit gebeurd in het dekenberaad.

Dit is het overlegorgaan waarin de dekens met elkaar overleggen over de wijze waarop zij hun toezichttaken en -bevoegdheden uitoefenen en klachten behandelen.

Dit betekent dat het dekenberaad als zodanig geen besluiten neemt. Als er iets besloten wordt, wordt dit door alle elf dekens afzonderlijk gedaan. De dekens nemen aan het dekenberaad deel als toezichthouder, maar ook als klachtbehandelaar en als voorzitter van de raad van de orde in het arrondissement.

Voor meer informatie over het dekenberaad en het jaarplan klik hier 

 

Bevoegdheden

Om zijn taak als toezichthouder goed te kunnen uitoefenen beschikt de deken over de toezichtbevoegdheden die in Titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht zijn geregeld. De deken beschikt onder andere over de bevoegdheid om plaatsen, zoals kantoren, te betreden en de bevoegdheid om inlichtingen en inzage te vorderen. De deken is hierbij gebonden aan het evenredigheidsbeginsel. Advocaten zijn gehouden aan het toezicht mee te werken; er geldt voor hen een medewerkingsplicht.

Een toezichthouder mag zijn bevoegdheden alleen uitoefenen wanneer hij dit doet uit hoofde van zijn taak om toezicht te houden op de naleving van wet- en regelgeving. Hij mag deze bevoegdheden niet inzetten om een andere (wettelijke) taak te vervullen.